Kerstboodschap
Gerrit Gielen
We zeggen dat we op de drempel van een nieuwe aarde staan.
Het klinkt als een belofte, als een fluistering van hoop.
Maar wie werkelijk kijkt, ziet hoe de wereld zucht onder haar eigen gewicht.
De aarde warmt op.
Water, lucht en bodem raken vermoeid.
Dieren verdwijnen stilletjes, planten trekken zich terug uit ons zicht.
Oorlog splijt landen en harten.
Jongeren zoeken een plek om te wonen, een bodem onder hun bestaan, en vinden die steeds minder.
En dan is er nog iets, minder zichtbaar maar minstens zo diep:
de onrust in de menselijke ziel.
Depressie, angst, verwarring —
alsof het innerlijk landschap net zo ontregeld is als het uiterlijke.
Is er dan geen hoop?
Jawel.
Er is hoop.
Er is licht — zelfs nu.
Het lijkt op wat er gebeurt wanneer we ouder worden.
Het lichaam verliest zijn vanzelfsprekende kracht,
wordt trager, kwetsbaarder.
Wie alleen dát ziet, spreekt van verval.
Maar wie dieper kijkt, ontdekt een andere beweging:
een uitnodiging om naar binnen te keren.
Ouder worden vraagt ons los te laten wie we dachten te zijn,
en te herinneren wie we altijd al waren.
Niet dit lichaam, niet deze vorm,
maar een wezen van licht,
van liefde,
van een werkelijkheid die geen begin en geen einde kent.
Wanneer dát besef groeit, wordt ouder worden geen verlies,
maar een thuiskomen.
Zo is het ook met deze tijd.
De oplossing ligt niet in het eindeloos benoemen van wat stuk is,
maar in het herinneren van wat heel is.
In het afstemmen op de diepere waarheid,
de tijdloze stroom van licht en verbondenheid
die onder alles aanwezig blijft.
Wanneer ons bewustzijn verschuift,
verschuift de wereld met ons mee.
Dan wordt de nieuwe aarde niet gemaakt,
maar geboren.
Zij ontstaat uit een nieuw bewustzijn.
Uit het loslaten van het oude,
uit het openen van ons hart voor wat werkelijk is.
Wanneer de mensheid het licht opnieuw omarmt,
ontstaat de nieuwe aarde vanzelf —
van binnenuit.
Wees niet bang dat iets van waarde verloren gaat.
Niets verdwijnt werkelijk.
Elk dier, elke plant, elk leven
blijft bestaan in een subtiele werkelijkheid,
gedragen in het liefdevolle hart van Moeder Aarde.
Wat rust, kan opnieuw ontwaken
wanneer wij weer ruimte maken voor verbinding.
Daarom is loslaten nodig.
Niet vasthouden aan wat zijn tijd heeft gehad.
Niet blijven kijken naar een wereld die al voorbij is.
Maar ons openen voor de waarheid die blijft.
Toch is dat niet eenvoudig.
Zelfs wie de eenheid voelt,
leeft vaak nog volgens oude patronen.
Angst. Presteren. Meedoen.
We willen dat onze kinderen slagen
in een systeem waarvan we diep vanbinnen weten
dat het uit balans is.
Daar botst het oude met het nieuwe.
Deze tijd vraagt om eerlijkheid.
Om de moed om naar binnen te kijken
en te voelen waar we nog vasthouden
aan controle, bezit en macht.
Wie droomt er niet van overvloed?
Maar achter de drang om te bezitten
schuilt vaak het vergeten besef
dat niets van ons is —
en alles met ons verbonden.
We kennen de eenheid.
We voelen haar in onze liefde voor de natuur,
in onze zachtheid voor elkaar.
En toch leeft in ons ook de angst
om onszelf te verliezen,
om onveilig te zijn.
De uitnodiging van deze nieuwe tijd
is om die angst te laten rusten.
Om het leven weer te vertrouwen.
Om onszelf toe te vertrouwen aan wat groter is
dan wij kunnen bedenken.
Kies voor de werkelijkheid die niet vergaat.
Voor het licht dat altijd aanwezig is.
We zijn onderweg.
We laten het oude los, stap voor stap.
De kerstdagen herinneren ons daaraan.
Van oudsher is dit het moment
waarop het licht terugkeert.
Na de langste nacht
keert het langzaam weer om.
Laat ook in ons
het licht terugkeren.
Laat het stromen.
Laat het ons dragen.
En vanuit die stille, innerlijke omarming
wordt de nieuwe aarde geboren.
© Gerrit Gielen